Integrale Transitievisie 1.0 Venlo vastgesteld

De gemeente Venlo geeft als Cradle2Cradle gemeente het goede voorbeeld als het gaat om het verbinden van de verschillende verduurzamingsopgaven. De energietransitie vormt een natuurlijk moment om de leefbaarheid in de wijk te verbeteren en circulariteit en klimaatadaptatie daarin mee te nemen. De Transitievisie 1.0 is in april door de Venlose gemeenteraad vastgesteld. W/E adviseurs ondersteunt het programmateam op weg naar een definitieve Transitievisie Gebouwde Omgeving.

Integrale kijk op de wijk

Het integraal verduurzamen van Venlo wordt concreet in het wijkuitvoeringsplan. Integraal een wijk verduurzamen, hoe doe je dat? Het begint met het identificeren van de knelpunten en kansen op verschillende niveaus: gemeente, gebied, gebouw en gedrag. De visie van de gemeente Venlo vertaalt zich naar de wijk (gebied). Er wordt gekeken welke integrale aanpak het best werkt voor de buurt. In de wijk zijn bijvoorbeeld verschillende scenario’s voor duurzame warmtevoorziening opgesteld, dit kan een midden-temperatuur warmtenet zijn. De straten moeten hiervoor open, dit creëert de kans om ook meteen groeiplaatsen voor bomen in te richten. Bewoners van Venlo zijn bij iedere stap betrokken en scherpen de prioritering aan. Het succes valt of staat door het samenwerken met de juiste partijen, zodat de planning op elkaar aansluit.

Circulariteit meetbaar maken

W/E adviseurs kiest ervoor om circulariteit meetbaar en bespreekbaar te maken, waarbij we gebruik maken van de beschikbare instrumenten. Hierin volgen we de lijn die het ministerie van BZK heeft uitgezet, met MPG (MilieuPrestatie van Gebouwen) als basis. De MPG geeft aan wat de milieubelasting is van de materialen die in een gebouw worden toegepast. Het is de som van de schaduwkosten van alle toegepaste materialen. Hierbij wordt rekening gehouden met materialen die vervangen worden tijdens de levensduur van het gebouw.

Gemeente Venlo gebruikt GPR Gebouw om duurzaamheidsprofielen per wijk op te stellen, op basis van GPR berekeningen voor de meest veelvoorkomende woningtypes. Voor de eerste gas(t)vrije wijk in Venlo zijn er GPR berekeningen voor referentiegebouwen in verschillende warmtescenario’s. Zo is er aan de hand van brede duurzaamheidsthema’s (energie, milieu, gezondheid, gebruikskwaliteit en toekomstwaarde) een objectieve vergelijking mogelijk tussen een warmtenetscenario of all electric. 

Circulariteit is meer dan circulair bouwen

Voor de C2C-gemeente gaat circulariteit over meer dan circulair bouwen. In de wijk Hagerhof Oost kunnen bewoners straks een kijkje nemen in de ‘Woning van Morgen’. Hoe ziet een gasloze modelwoning eruit? Wat is er anders, wat is hetzelfde? In de Woning van Morgen gaan bewoners in gesprek met elkaar en doen ze inspiratie op over verschillende aspecten van duurzaam wonen: van het koken op een inductieplaat tot het vergroenen van een tuin. Samen werken we aan het Venlo van morgen. Venlo zet de groene knop om!

Blijf op de hoogte van het project via de website van Morgen in Venlo en de gemeente.

Gemeenten zetten ambitie CO2-reductie om in daden

Gemeenten voelen de noodzaak om vol in te zetten op CO2-reductie, en steeds meer gemeenten zetten concrete stappen om dit doel te bereiken. Dat constateert Ruud van Vliet, senior-adviseur voor gemeenten bij W/E adviseurs in een terugblik op 2018.

Aantoonbare CO2-reductie

De aandacht voor klimaatverandering is nog nooit zo groot geweest. De urgentie wordt breed gevoeld. Gemeenten zijn, samen met hun partners (waaronder de woningcorporaties), een belangrijke aanjager voor verduurzaming van de gebouwde omgeving. Alleen, hoe borg je die duurzaamheid?

De ‘Lokale Routekaart naar CO2-neutraal’ van Stichting W/E adviseurs helpt daarbij.  Het geeft een scherp inzicht in de bestaande kwaliteit van gebouwen, en biedt ook de mogelijkheid om aan de hand van scenario’s inzicht te krijgen in de haalbare stappen richting CO2-neutraal. Op die manier wordt het mogelijk richting te geven aan uitvoering van ambities naar aardgasloos, energieneutraal of nul op de meter.

“Breda, Nijmegen en Tilburg hebben hier grote stappen in gezet”, zegt Van Vliet. “Afgelopen jaar hebben we de routekaart die aanvankelijk voor de huursector was ontwikkeld verder verbeterd en uitgebreid. In principe kunnen we voor alle gebouwen inzicht bieden hoe men CO2-neutraal kan worden. Voor de gemeente Heusden hebben we bijvoorbeeld alle gemeentelijke utiliteitsgebouwen doorgerekend. Komend jaar wil Heusden de volgende stap gaan zetten richting realisatie.”

Focus op energie, maar ook verder kijken

De meeste gemeenten focussen begrijpelijkerwijs op energie. Dit onderwerp staat zoals we weten centraal en we kunnen hier goed aan rekenen. “Het is fijn dat er daarnaast belangstelling komt voor materiaalgebruik en circulariteit, een onderwerp dat W/E adviseurs al ruim 20 jaar standaard meeneemt in GPR-berekeningen. We gaan komende tijd onderzoeken hoe we materialen, en hun herbruikbaarheid, een plek kunnen geven in de Lokale Routekaart”.

Mooie voorbeelden zijn projecten met Tilburg en Amsterdam. De gemeente Tilburg heeft circulariteit structureel onderdeel gemaakt bij het beheer en onderhoud van gemeentelijke gebouwen. W/E adviseurs heeft hiervoor de ‘Roadmap Duurzame gebouwexploitatie ontwikkeld, en adviseert de gemeente bij renovatieprojecten op dit thema. Voor de gemeente Amsterdam hebben we onderzoek gedaan hoe een aanscherping van de MPG-eis een stimulerende werking heeft op circulair bouwen. Verder heeft W/E adviseurs onder andere de gemeente Den Haag geadviseerd hoe het nieuwe afvalbrengstation zelfvoorzienend kan worden.

Borging en verbreding

Veel gemeenten zijn licentiehouder voor GPR, het softwarepakket waarmee de duurzaamheidsprestaties van een gebouw kunnen worden berekend. Maar in de praktijk zien we vaak dat gemeenten de waarde van deze licentie nog onvoldoende benutten. Daarom zijn we in 2018 gestart met zogenaamde opfrissessies. In regionaal verband schetsen we de actuele ontwikkelingen rond de verduurzaming van de gebouwde omgeving. We laten vervolgens zien hoe GPR als hulpmiddel kan worden ingezet om inzicht te krijgen in de kansen. Daarbij denken we ook mee met oplossingen om bestuurlijke ambities concreet te vertalen en te borgen. Daarmee wordt duurzaam bouwen beleid robuust en meer structureel onderdeel van zowel beleid als realisatie.

In 2018 hebben we verschillende gemeenten hierbij ondersteund. Zo heeft de gemeente Den Haag een groene leges verordening vastgesteld waarin GPR-scores zijn opgenomen als voorwaarde voor een korting. De gemeente Overbetuwe beloont initiatiefnemers wanneer zijn onder andere GPR-scores laten zien voor hun project. Die beloning bestaat uit een garantie dat binnen een zekere termijn alle formele procedures zijn doorlopen.

Verder ondersteunde W/E adviseurs meerdere gemeenten bij het uitwerken van een uitvraag met hoge duurzaamheidsambities. Met behulp van GPR Gebouw vertalen we de ambities naar verifieerbare prestaties.

Vooruitblik 2019

Komend jaar bestaat W/E adviseurs 40 jaar. De urgentie voor de verduurzaming van de gebouwde omgeving neemt nog steeds toe. De bereidheid om te handelen is groot.  Daarbij is het zaak niet alleen naar energie te kijken, maar ook de materialen mee te nemen. Circulariteit is niet iets wat volgt nadat we energie geregeld hebben, maar dient integraal te worden meegenomen in de planvorming.

Ons motto Moeilijke Materie Makkelijk Maken is hierbij van toepassing. Met behulp van onze instrumenten en de expertise die wij bieden zorgen we ervoor dat overheden, opdrachtgevers en uitvoerders handvatten hebben om duurzaamheid in de bouwpraktijk concreet, meetbaar en bespreekbaar te maken.

Mede namens al mijn collega’s van W/E adviseurs wens ik u een gezond en duurzaam 2019!

Ruud van Vliet

 

 

‘Gemeenten: Stap uit traditioneel denken-werkkader, vind het niet zelf uit en ga aan de slag!’

Interview met John Nederstigt en Alexander Tuinstra van Haarlemmermeer

In februari dit jaar ontving de gemeente Haarlemmermeer de Circulaire Ring 2018, de prijs voor duurzaamste gemeente van Nederland. De award werd uitgereikt door de stichting Duurzaam Bouwen Awards. Stichting W/E adviseurs, initiator van de Circulaire Ring, spreekt de ‘winnaars’ wethouder John Nederstigt en programmamanager duurzaamheid Alexander Tuinstra in het stadhuis van Haarlemmermeer. Wat heeft de Circulaire Ring de gemeente gebracht? En wat is nu eigenlijk het geheim achter het succes van Haarlemmermeer?

“Het winnen van de Circulaire Ring heeft ons waardering gebracht,” vertelt wethouder John Nederstigt. “Er zijn voldoende partijen geweest die vragen: ‘Vertel nou eens even hoe je dat doet?’ Dus wat brengt het ons? Vooral vragen. Maar ik vind het leuk dat ze worden gesteld en leuk om dat te kunnen delen. Ik zit namelijk in een vak waar eigenlijk geen concurrentie zou mogen bestaan.” Programmamanager Alexander Tuinstra: “Wij hebben in het Programma Duurzaam eigenlijk vier pijlers. Die zijn gebaseerd op energie, water, grondstoffen, maar ook op het delen van kennis en innovatie. Zoals John net zegt, onze markt is veel meer informatie delen: ‘Kijk eens wat wij doen. Leer daarvan! Ook als we een fout hebben gemaakt. Ik zou het zo niet nog een keer doen. Of juist wel!’ Na het winnen van de Circulaire Ring, weten andere gemeenten en overheden ons te vinden met vragen.”

Wordt Haarlemmermeer als voorbeeldgemeente gezien?
“Ja, maar die is wel heel erg apart”, zegt Nederstigt. “Haarlemmermeer heeft sowieso een hoge milieudruk: we hebben een luchthaven. Dus om dat thema kan je niet heen. We zijn – en hier komt ‘ie – groot. We hebben de middelen. Kleinere gemeenten, bijvoorbeeld met 25 tot 30 duizend inwoners, hebben andere budgetten. Die zijn vaak alleen al het budget kwijt aan ambtelijke ondersteuning en kunnen vaak op werkniveau weinig doen.”

Is het dan alleen een kwestie van geld of iets lukt?
“De duurzaamheidsbeweging moet wel een zetje hebben,” legt Nederstigt uit. “En een zetje geef je door sprekende voorbeelden te laten zien. Wij hebben in Haarlemmermeer bijvoorbeeld een natuur- en milieucentrum NMCX. Wij kunnen onze inwoners daarmee goed informeren. Maar voordat zo’n organisatie staat, moet je wel een soort basis hebben. Wij kunnen dat opbrengen en wij zien dat wat oplevert. NMCX heeft zo langzaam maar zeker haar verbindingen en invloed diep in de Haarlemmermeerse samenleving. Onze buren zijn op Haarlem en Amsterdam na allemaal gemeentes tussen de 20 en 30 duizend inwoners. Die hebben dus niet zo makkelijk de kans een eigen NMCX te starten. Delen is in feite een stukje samenwerken. Gemeenten die het vanuit hun budget kunnen, hebben wat mij betreft de verantwoordelijkheid zoveel mogelijk te delen. Misschien wel letterlijk.”

Waarom wil de ene gemeente samenwerken maar de ander niet? Speelt de factor ‘cultuur’ mee?
“Ik denk dat je daar een heel waar punt hebt,” zegt Nederstigt. “Ik vind het niet makkelijk om te zeggen, maar er zit natuurlijk een heel hoog ‘not invented by me’- ,of ‘not invented by us’-syndroom in. Je zult daar als gemeente overheen moeten stappen.”

Het succes zit ‘m dus in het inspireren, het aanjagen, het stimuleren van mensen?
“Klopt,” bevestigt Tuinstra. ”Het zit niet specifiek op inhoud, het gaat veel meer over het aanboren, het aanzetten. En mensen het gevoel geven van ‘naar mij wordt wel geluisterd’.” Nederstigt: “In de laatste twee bestuursperioden zijn we bezig geweest met programmatisch denken in duurzaamheid. We kunnen eigenlijk pas de laatste twee, drie jaar ook met recht zeggen dat we niet alleen goede plannen hebben, maar ook goede uitkomsten laten zien. En dan ben je gewoon vijf jaar bezig met heel veel praten, roepen, het kost tijd.”

Hebben jullie nog een belangrijke boodschap naar collega-gemeenten?
“Ik heb twee boodschappen,” zegt Nederstigt. “Aan alle grote gemeentes: ga aan de slag, want je kan het. Aan alle kleinere gemeenten: sla de handen ineen, bij voorkeur bij een grote broer of zus die al wat heeft en ga het niet zelf uitvinden. Het kost dan veel minder geld en het is veel effectiever. En dat iedereen het kan, daar ben ik heilig van overtuigd. Ga aan de slag, zo breed mogelijk, maar vooral: zoek elkaar op.” “De kracht zit in de opschaling, de gezamenlijkheid.” Vult Tuinstra aan. “Just do it.”

“Stap uit het traditionele denken-werkkader,” vervolgt Nederstigt. “Want als je doet wat je deed, dan krijg je wat je kreeg. En daar heb je dus op álle niveaus mensen nodig die een beetje durven. Als het in onze eigen werkboekjes zou staan, zou het allang … je zult af en toe de wet- en regelgeving echt flink moeten tarten.” “En toon lef, in het Hebreeuws met een v, dat betekent hart,” licht Tuinstra toe.“ Je hebt mensen met lef, met hart, nodig. Straks ook in de nieuwe politieke constellatie, want als je die mensen niet hebt, wordt het wel weer heel zakelijk en ga je weer kijken: wat was het oude bouwbesluit ook alweer? En daar wil je vanaf.”


Wilt uw gemeente ook kans maken op de Circulaire Ring?

Schrijf u dan vóór 10 januari 2019 in voor de Duurzaam Bouwen Awards 2019. Misschien staat uw gemeente dan in de schijnwerpers op het Duurzaam Gebouwd Congres. Lees alle informatie op www.duurzaambouwenawards.nl

www.duurzaambouwenawards.nl

 

 

CO2-routekaarten startpunt energietransitie Heusden

W/E adviseurs heeft voor de gemeente Heusden de CO2-routekaart uitgewerkt voor de gemeentelijke gebouwen. De afdeling Vastgoed van de gemeente werkt aan een uitvoeringsplan voor de verduurzaming van de gemeentelijke gebouwen. Om tot een goede onderbouwing te komen van deze plannen heeft W/E op basis van de beschikbare informatie voor alle verschillende functies een doorrekening gemaakt. Daarmee weet de gemeente exact welke ingrepen, waar en wanneer CO2 reduceren.

De huidige kwaliteit is in kaart gebracht. Vervolgens is gerekend aan 2 scenario’s:

  • een kortetermijnscenario: 15% energiebesparing in 4 jaar
  • een langetermijnscenario: CO2-neutraal in 2050.

Voor de scenario’s zijn business-cases uitgewerkt waarin de maatregelen zijn vertaald naar financiële gevolgen. De analyses laten zien dat de doelstelling van 15% CO2-besparing in 2021 relatief gemakkelijk kan worden gehaald. De doorrekening van de ambitie voor CO2-neutraal laat iets interessants zien: wanneer dit doel al in 2030 kan worden gerealiseerd, zijn de totale opbrengsten in 2050 fors hoger dan het scenario waarbij het doel pas in 2050 wordt behaald. Dit is uiteraard te verklaren uit het feit dat er een langere periode is waarin voordeel wordt genoten uit de investeringen. Het vergt echter een forse extra inspanning in kortere tijd. De capaciteit dient dan wel te worden uitgebreid zodat per jaar 3 gebouwen worden aangepakt.

Op basis van de routekaart werkt de gemeente nu aan definitieve uitvoeringsplannen en besluitvorming daarover.

Meer informatie

Wilt u meer weten over de CO2-routekaarten voor gemeenten? Neem contact op met Ruud van Vliet, senior-adviseur gemeenten, 06 – 224 779 34, vliet@w-e.nl.

> Lees ook: Special routekaarten CO2-neutraal

MPG-checklist voor gemeenten beschikbaar

Vanaf 1 januari 2018 geldt er een norm voor de milieuprestatie van gebouwen (MPG). De norm zegt iets over de milieubelasting die een gebouw veroorzaakt door de gebruikte materialen. Deze is gebaseerd op de kosten die zijn gemoeid met het oplossen van de milieuschade. Dit zijn de zogenaamde schaduwkosten.

De huidige norm is 1€/m2/jaar. Gemeenten moeten de naleving van de MPG toetsen in de Omgevingsvergunning en hierop toezicht houden tijdens de bouw. Om deze taken te ondersteunen heeft Stichting W/E adviseurs op verzoek van BWT Nederland een checklist ontwikkeld.

De checklist biedt toetsers en toezichthouders in de bouw handvatten om op efficiënte wijze hun taken uit te voeren. Het controleren van de MPG-berekening vergt veel tijd, maar de verschillen in scores van de gekozen materialen zijn over het algemeen beperkt. Behalve wanneer een aanvrager fouten maakt bij het invullen van basisgegevens kunnen grote afwijkingen ontstaan. De MPG-checklist gaat uitgebreid in op dergelijke aspecten en geeft tips hoe een gemeente of omgevingsdienst een controle slim kan aanpakken. De MPG is een eerste stap om vanuit een wettelijk kader de milieubelasting door gebouwen te verlagen. De verwachting is dat de normstelling op termijn strenger wordt. Ook zal de waarde van de MPG toenemen wanneer meer fabrikanten hun gegevens in de Nationale Milieudatabase hebben opgenomen.

Voor nu is het verstandig als gemeenten de kansen, die de MPG-norm biedt, pragmatisch aanpakken. Dus niet sec als juridisch instrument, maar al bij de start van een initiatief aandacht vragen voor milieubelasting door materialen. Dat zorgt ervoor dat opdrachtgevers zich bewust worden van hun verantwoordelijkheid. En ze weten zo hoe zij de MPG moeten meenemen in hun planontwikkeling. Op die manier helpen we bij het vergroten van het bewustzijn over dit aspect in de hele bouwketen.

De MPG-checklist is te vinden op de website van BWT-Nederland: https://www.bwtinfo.nl/dossiers/Milieuprestatie+MPG

Lees ook:

> MPG-norm controleren complex en tijdrovend? W/E ontwikkelt MPG Checklist toezichthouders bouw

Special routekaarten CO2-neutraal

gasmeters

Een brede coalitie van Nederlandse partijen ontwikkelde onlangs een aanpak die corporaties, gemeenten en huurders ondersteunt bij het verduurzamen van de woningvoorraad. En wat blijkt? De Lokale Routekaarten naar een CO2-neutrale woningvoorraad bieden de betrokken spelers een goed overzicht en inzicht in hun verduurzamingsopgave. De routekaarten blijken zelfs belemmeringen weg te nemen en vertrouwen te bieden om over te gaan tot actie. Zo past de gemeente Breda de Lokale Routekaart toe in nauwe samenwerking met corporaties en huurders. Ook woningcorporatie de Alliantie is met de Lokale Routekaart aan de slag gegaan: ‘We weten nu exact welke ingrepen, waar en wanneer CO2 reduceren’, aldus manager Fred Jak.

Woningcorporatie de Alliantie heeft ambities om in 2050 CO2-neutraal te zijn en heeft de Routekaart CO2-neutraal 2050 van Aedes met ‘eindbeelden’ ingeleverd. Hoe nu hiermee aan de slag? Een forse uitdaging, waarbij W/E adviseurs ondersteunde om dit stapsgewijs en gedetailleerd samen met de Alliantie verder uit te werken.

Fred Jak, Manager Programma, de Alliantie

Fred Jak, manager Programma, de Alliantie

Daartoe heeft de Alliantie de hele huidige woningvoorraad (circa 50.000 VHE) gestructureerd in beeld gebracht, inclusief de verwachte mutaties als sloop en nieuwbouw tot 2050. In nauwe samenwerking met afdelingen Vastgoedonderhoud en Asset Management heeft zij op maat gesneden scenario’s vastgesteld, deze op hun energetische waarde beoordeeld en tot op directie- en bestuursniveau gedeeld en gedragen.

Uitgangspunt was dat met voorgenomen beleid het doel haalbaar is, met stapsgewijze, ‘realistische’ maatregelen. Dat is nu onderbouwd en gerichte inzichten voor principevraagstukken en voor het handelen op korte termijn zijn vastgesteld.

Fred Jak, manager Programma van de Alliantie: “Het traject heeft ons inzicht gegeven in een langetermijnstrategie naar een energieneutrale voorraad in 2050. En het heeft ons handvatten geboden om dit programma op korte termijn – de komende vijf jaar – te starten. We weten nu exact welke ingrepen, waar en wanneer CO2 reduceren.”

Breda: ‘We hebben de juiste inzichten in (on)mogelijkheden en in de weg vooruit’

In Breda hebben gemeente, corporaties (Alwel, WonenBreburg, Laurentius) en de koepel van huurdersverenigingen GHK samen de Lokale Routekaart ingezet om de route naar een ‘CO2-neutraal Breda in 2044’ inzichtelijk te krijgen, passend binnen de opgave om te groeien naar aardgasvrije (fossielvrije) wijken. De scope omvat de gehele Bredase woningvoorraad: sociale, particuliere verhuur én particulier eigendom. De gemeente gaf daarbij sturing aan de niet-sociale woningvoorraad. De inhoud van deze plannen wordt in de zomer van 2018 vertaald naar nieuwe Alliantie-afspraken voor de periode 2019 tot en met 2022.

Kim Wijnen

Kim Wijnen, adviseur Strategie WonenBreburg

Betrokken partijen kregen allereerst een exact beeld van de CO2-uitstoot op dit moment en in achterliggende jaren; mede gebaseerd op werkelijke meterstanden en een gedetailleerde weergave van de voorraad. Met de samen gekozen scenario’s hebben zij nu inzicht in de prognose tot 2030 en in de opgave voor de gemeente Breda tot aan 2044, evenals in de landelijke doelstelling in 2050. Op basis daarvan hebben zij tussendoelen besproken.

Uitkomsten zijn op gemeentelijk niveau beschouwd, en bieden ingrediënten voor alle partijen bij hun eigen keuzen. Zo leveren de scenario’s input voor investeringsprogramma’s van de corporaties voor portfolioberekeningen (bijvoorbeeld WALS). Naast het sterke, lokale draagvlak en de vergaande ambities – is het bijzonder dat de voortgang van de afspraken wordt gemonitord. Dat gebeurt op basis van werkelijke verbruiken en de daaraan direct gekoppelde emissies.

“Met de Lokale Routekaart kunnen we ons strategisch voorraadbeleid herijken. Sturing op CO2, in plaats van energielabels leidt tot andere ingrepen met meer effect”,  aldus Kim Wijnen, adviseur Strategie bij WonenBreburg. Paul Paree, senior adviseur Milieu, van de gemeente Breda vult aan: “Via de routekaart en intensieve samenwerking met de corporaties laten we zien hoe een CO2-neutrale woningvoorraad in 2044 mogelijk wordt. De transitiescenario’s laten zien dat er nog veel werk ligt.”

Topsector EnergieSmartTrans
De gemeente Breda is eveneens deelnemer aan het project SmartTrans – Draagvlak voor de transitie naar aardgasvrije wijken op basis van slimme en flexibele routekaarten, onderdeel van het nationale onderzoeksprogramma Topsector Energie.

lokale routekaart

Waarom een Lokale Routekaart naar CO2-neutraal?

Kansrijke routes naar een CO2-neutrale woningvoorraad hangen sterk af van de specifieke, lokale situatie, de vastgoedsturing en het draagvlak van betrokkenen. Is er een regionale energiestrategie of warmtelevering beschikbaar? Wat is de kwaliteit van de woningvoorraad en welke opeenvolgende stappen zijn er op welk moment nodig? Welke aanpak voor de vastgoedportefeuille ligt er al? En last, but not least: Wat merken huurders ervan in hun portemonnee?

Om hiervoor antwoorden op maat te kunnen bieden, ontwikkelde W/E adviseurs, samen met een brede coalitie van branchevertegenwoordigers – in opdracht van het ministerie van BZK (RVO) – een hulpmiddel en aanpak: de Lokale Routekaart naar CO2-neutraal. Deze brengt de betrokkenen én de specifieke lokale situatie letterlijk en figuurlijk bij elkaar. Gezamenlijk verkennend komen de benodigde maatregelen, investeringskosten en energielasten voor een CO2-neutrale woningvoorraad in beeld.

Hoe werkt de Lokale Routekaart naar CO2-neutraal?

In acht stappen leidt de Lokale Routekaart naar CO2-neutraal naar een overzicht en inzicht in de lokale verduurzamingsopgave. De routekaart benut hiervoor landelijke, gevalideerde kengetallen en rekenmethodieken die gekoppeld worden aan de woningvoorraad van de specifieke situatie. Wanneer werkelijke meterstanden beschikbaar zijn, gebruiken we deze als stevige basis voor de startsituatie.

De acht stappen:

  1. Opgave van woningtypen, -grootte, -aantal en vastgoedstrategieën
  2. Opgave van het huidige isolatieniveau, installatietechniek en warmtelevering
  3. Opgave van eerste ingreepmoment, energie-infrastructuur en voorgenomen maatregelen
  4. Opgave van tweede ingreepmoment, energie-infrastructuur en voorgenomen maatregelen
  5. Weergave van de CO2-reductie door maatregelen en de vermeden CO2-emissie door duurzame opwekking
  6. Weergave van de energielastenontwikkeling in euro’s, gemiddeld per woning per jaar
  7. Weergave van de investeringskosten in euro’s, gemiddeld per woning per jaar
  8. Weergave van een samenvatting in cijfers

Zie ook onderstaande figuur

Figuur 2: De acht stappen in de Lokale Routekaart naar CO2-neutraal

Figuur 2: De acht stappen in de Lokale Routekaart naar CO2-neutraal

Door nu gezamenlijk aan de knoppen te draaien, maken gebruikers scenariovarianten die onderling niet alleen verschillen in de gekozen maatregelen, maar ook in energieprijsstelling, het investeringsniveau en bijvoorbeeld de (autonome) vergroening van stroom- of warmtenetten. Inmiddels zijn tientallen routekaarten opgesteld voor diverse gemeenten, corporaties en huurdersorganisaties.

Meer informatie?

Neem contact op met een van onze adviseurs

Corporaties
Thijs Kurstjens
kurstjens@w-e.nl
06 – 5323 78 32
ir. Thijs Kurstjens
Gemeenten
Ruud van Vliet
vliet@w-e.nl
06 – 2247 79 34

Lees meer