duurzaamheid renovatie

Duurzaam renoveren: hoe kies je verantwoord en praktisch?

Afgelopen jaar ontwikkelde W/E adviseurs met partners een nieuwe set indicatoren om duurzaamheid van renovatie aanpakken beter af te wegen bij besluitvorming. Op 25 november ging het consortium  in gesprek met vooroplopende  corporaties, onderhoudsbedrijven en kennisinstellingen om te toetsen hoe het onderzoek in de praktijk toepasbaar gemaakt kan worden. OnderhoudNL verzorgde de bijeenkomst.

Het onderzoek naar geschikte KPI’s wordt deels gefinancierd door OnderhoudNL en deels vanuit het TKI-project ‘Integrale Energietransitie Bestaande Bouw’, uitgevoerd door het Bouw en Techniek Innovatiecentrum (BTIC), een omvangrijk consortium van kennisinstellingen en bedrijven.

Het ontwikkelde afwegingskader wordt op dit moment al toegepast bij corporatie GroenWest. Aan de hand van dit voorbeeld liet Geurt Donze zien hoe de CO2 emissie vanuit materialen meegenomen wordt om de CO2-footprint van renovatiescenario’s zichtbaar te maken. Als dit wordt gecombineerd met de verwachte CO2-reductie door de besparing op energieverbruik ontstaat een duidelijker en integraal beeld van de klimaateffecten van een renovatieaanpak.

Voorbeeld van de CO2 emissies door materiaalgebruik (groen) en door energiegebruik (rood).

Een bredere beoordeling op alle milieu-thema’s die in de MPG voorkomen (dus ook bijvoorbeeld verzuring en grondstofuitputting) wordt op identieke wijze meegenomen. Dit inzicht kan leiden tot heroverweging van traditionele, suboptimale materiaalkeuzes of zelfs van een gehele renovatieaanpak en er kan gericht op innovaties gestuurd worden

Daarnaast is de eerste stap gezet om de effecten van circulair materiaalgebruik te beoordelen. Daartoe wordt aangesloten bij de actuele MPG methode en NMD 3.0 database en worden de  milieu-impacts per levensduurfase als basis genomen voor de gerichte inzet  van de vijf circulaire strategieën die W/E eerder ontwikkelde.

Hogeschool Utrecht

Ron Heusdens, projectleider bij de HU, vertelde in zijn presentatie waar de bijdrage van de HU aan het project uit bestaat. De focus van het deelproject is gericht op het in kaart brengen van de verschillen in footprint die ontstaan tussen diverse scenario’s van circulaire renovatieconcepten bij de inzet van bouwmaterialen in het kader van woningrenovatie. De HU is momenteel bezig om een applicatie te ontwikkelen, gericht op de medewerkers van woningcorporaties en onderhoudspartijen die snel en in ‘realtime’ inzicht willen in invloed op carbon/embodied energy en circulariteit tussen meerdere renovatieconcepten. Deze tool kan helpen bij het vaststellen van haalbare circulaire renovatieplannen. Inhoudelijk sluit de tool aan op de door W/E ontwikkelde methodiek.

Duurzaam renoveren in de praktijk: hoe verder

Na de presentaties was het tijd om met elkaar in discussie te gaan. Denken de deelnemers dat de ontwikkelde KPI’s toepasbaar zijn in de praktijk? Een groot deel van de deelnemers stond positief tegenover de methodes. Wel werd de materie deels als complex ervaren. Om het daadwerkelijk in de praktijk te gaan gebruiken moeten de methoden praktisch toepasbaar gemaakt worden. De suggestie om de tools aansluitbaar te maken op al gebruikte software kwam meerdere malen voorbij. Het moet de medewerkers niet veel extra tijd kosten. Daarnaast vonden de deelnemers het belangrijk om na te denken over hoe er over circulair renoveren naar de bewoners gecommuniceerd kan worden.

Alle feedback die is verkregen tijdens de sessie wordt meegenomen bij de afronding van het project. Dit was de eerste stap naar de toepassing van de duurzaamheidsindicatoren in renovatie en onderhoud praktisch toepasbaar te maken. Met OnderhoudNL worden verdere stappen gezet om de methodiek praktisch hanteerbaar te maken. Bredere kennisoverdracht rondom dit project is in de eerste helft van 2021 voorzien.

Heb je interesse in de methodiek  en het beschikbaar komen daarvan?  Neem dan contact op met Geurt Donze.