materialenpaspoort materiaal

Materialenpaspoort kan inzichtelijk maken welke gebouwen écht circulair en gezond zijn

In 2050 wil Nederland de transitie naar een duurzame, volledig circulaire economie hebben gemaakt. Ook de bouweconomie zal deze transitie moeten doormaken. Dit betekent dat zowel marktpartijen als overheden en financiers heel anders moeten gaan denken en werken om deze omslag naar een gebouwde omgeving, waarin materialen en grondstoffen herbruikbaar zijn, te kunnen maken. Voor gemeenten betekent dit anders kijken naar en omgaan met nieuwbouw en verbouw van de eigen gemeentelijke vastgoedportefeuille en bouwvergunningverlening. Een materialenpaspoort kan gemeenten helpen om inzicht te krijgen in de voorraad materialen die zijn gebruikt in het vastgoed en het gemakkelijker maken om de stap naar circulair bouwen en renoveren te nemen.

Circulair bouwen

In de praktijk heeft circulair bouwen een grote invloed op de manier waarop een gebouw tot stand komt. Dit begint al bij de tekentafel van de architect. In het ontwerp moet de architect keuzes maken met betrekking tot bijvoorbeeld de benodigde hoeveelheid materialen en de mogelijkheid tot het wijzigen van de bestemming van het gebouw.

Vastleggen en documenteren materialen

Een belangrijk aspect bij de transitie naar een circulair gebouwde omgeving is het in kaart brengen van toegepaste materialen en producten in gebouwen. Dat is nodig om nieuwe afwegingen te kunnen maken tijdens het ontwerpen, bouwen, beheren en renoveren van gebouwen. Door materialen te registreren en documenteren in Madaster, het kadaster van materialen, kunnen deze nooit meer in de anonimiteit als afval eindigen. Grondstoffen en gebruikte goederen hebben waarde.

Materialen identiteit geven in materialenpaspoort

Het materialenpaspoort van een gebouw dat met het registreren en documenteren van de materialen ontstaat, geeft inzicht in de voorraad materialen en producten die in het gemeentelijk vastgoed zijn gebruikt. In het paspoort krijgen grondstoffen een identiteit en is het aan het einde van de levensduur van een gebouw eenvoudiger om te demonteren en zijn er meer kansen om materialen op marktplaatsen te verhandelen.

MPG als basis om circulariteit te meten

Vanuit Madaster kan via een applicatie van W/E adviseurs een MilieuPrestatie Gebouwen-berekening (MPG) worden gemaakt. Doordat in Madaster gebouwen en hun materialen zijn opgenomen, is over deze materialen veelomvattende informatie beschikbaar. Op basis van die informatie kan een MPG-berekening worden gemaakt. De MPG kan dan vervolgens haar plek krijgen in het materialenpaspoort in Madaster. De MPG is een goede basis om circulariteit meetbaar te maken. Voor het maken van een MPG-berekening is een Nationale MilieuDatabase (NMD) beschikbaar, waarin meer dan duizend bouwproducten zijn opgenomen.

“Een materialenpaspoort is onmisbaar bij het circulair bouwen, beheren en slopen van ons maatschappelijk vastgoed. Registratie in het Madaster platform helpt ons inzicht te krijgen in de (rest)waarde van een gebouw. Hoewel het nog redelijk nieuwe materie is voor de meeste bouwende en installerende partijen, hebben we besloten voor elk nieuw te ontwikkelen pand een materialenpaspoort op te stellen en voor de sloop van een pand een materialenpaspoort in te zetten voor het sloopbestek.” – Anko Kuyt, duurzaamheidscoördinator Vastgoedbedrijf gemeente Almere

Durf  te doen

Diverse gemeenten zijn experimenteel gestart met het aanmaken van materialenpaspoorten. Zij hebben niet gewacht op landelijk beleid, maar zijn het experiment aangegaan om te onderzoeken wat het de gemeente op kan leveren. De ervaring die men opdoet helpt bij het versnellen van de transitie naar een circulaire gebouwde omgeving zodat ook landelijke doelstellingen binnen de gestelde tijd kunnen worden gehaald.