Paris Proof is alleen haalbaar met een radicale CO2-reductie op korte termijn

Artikel 20 dec 2023

Klimaatverandering heeft steeds grotere gevolgen op het dagelijks leven. Aangezien bijna 40% van de nationale CO2-uitstoot afkomstig is van gebouwen en de gebouwde omgeving, werkt Stichting W/E adviseurs aan verschillende projecten die CO2-reductie als doel hebben. In dit artikel gaan we in op twee van deze projecten: de verkenning van een aanvullende CO2-eis in het Bouwbesluit en de CO2-barometer.

De gevolgen van klimaatverandering worden steeds zichtbaarder. De abstracte waarschuwingen van wetenschappers zijn overgegaan in ingrijpende gebeurtenissen, die het dagelijks leven van veel mensen over de hele wereld verstoren. Met alle overstromingen, bosbranden en orkanen is het belang van een effectief klimaatbeleid voor iedereen duidelijk. Ook voor Nederland schetst het KNMI een toekomst waar we naar extremer weer gaan. Maar wel met de kanttekening dat de mate waarin sterk afhangt van wat we het komende decennium aan CO2-reductie doen. Deze constatering sluit aan bij de inzichten van het IPPC:we hebben nog een keuze.”

Figuur: benodigde wereldwijde reductiepaden om opwarming van de aarde te beperken tot 1,5 en 2,0 graden [bron: IPCC Report 2023] 

W/E adviseurs pakt de handschoen op

Bijna 40% van de nationale CO2-uitstoot is afkomstig van gebouwen en de gebouwde omgeving. Daarom is het belangrijk dat ook daar wordt gestuurd op CO2-reductie. Reden genoeg voor W/E adviseurs om een bijdrage te leveren aan diverse initiatieven die CO2-reductie als doel hebben. In dit artikel worden twee van deze initiatieven toegelicht, namelijk de verkenning van een aanvullende CO2-eis in het Bouwbesluit (onderzoek ‘Verkenning GWP-prestatie Gebouw’) en de CO2-barometer, die is ontwikkeld voor het Lente-akkoord 2.0. 

Onderzoek ‘Verkenning GWP-prestatie Gebouw’

Dit onderzoekstraject kwam voort uit een kamerbrief uit 2022, waarin de minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening schreef helderheid te willen geven over het te voeren beleid in de komende jaren. Eén van de onderwerpen uit die brief was het introduceren van normering voor de CO2-emissie van het materiaalgebruik in gebouwen. 

In opdracht van RVO voerde W/E adviseurs een verkennende studie uit naar de wijze waarop de normering op effectieve wijze ingeregeld kan worden. Dit onderzoek, waarbij een uitgebreide klankbordgroep van stakeholders en experts inbreng heeft geleverd, resulteerde in het rapport ‘Verkenning GWP-prestatie Gebouw’.  

Om de behoefte scherp te krijgen, is W/E adviseurs de verkenning gestart met het in kaart brengen van de relevante doelen en het bestaand (en geplande) instrumentarium. Dit leidde onder andere tot de onderstaande conclusie: 

“Om de klimaatdoelen voor 2050 te behalen is een forse reductie van de broeikasgasemissie op de korte termijn (2030) een keiharde noodzaak. Hiervoor zullen ‘alle zeilen bijgezet moeten worden’. Instrumentarium waarmee, liefst per direct, een extra impuls aan de reductie van broeikasgassen gegeven kan worden is welkom.” 

Figuur: ongewenst (rood) en gewenst (groen) scenario richting zero CO2-emissie in 2050 [bron W/E adviseurs] 

Effectieve eis

Deze conclusie gaf richting bij de zoektocht naar een effectieve eis. De zoektocht is gestart bij de Milieuprestatie-eis (MPG), die in het huidige bouwbesluit is opgenomen om binnen de pijler Milieu de materiaalgebonden milieu-impact te reguleren. Geconcludeerd is dat de MPG-eis goed stuurt op de lange-termijn-klimaatdoelen, maar onvoldoende op de korte termijn klimaatdoelen. Een belangrijke reden hiervoor is dat een hoge initiële impact (productie en bouw) gecompenseerd kan worden in de gebouwlevenscyclus; de milieuwinst in module D door hergebruik en recycling mag worden afgetrokken van milieu-impact in module A. Het onderstaande figuur toont dat de GWPa-score bij gebouwen met dezelfde MPG-score fors kan verschillen.  

Figuur: Gebouwen met dezelfde MPG-scores kunnen erg verschillen in GWPa-scoes (64 gebouwen met functie wonen) [bron W/E adviseurs].

De GWPa-eis

Om ook op de korte termijn klimaatdoelen te kunnen sturen, adviseerde W/E adviseurs om een aanvullende GWP-eis in het Bouwbesluit op te nemen. Omdat de scope beperkt is tot module A (productie en bouw) is deze eis de GWPa-eis genoemd.  

De GWPa-eis betreft nadrukkelijk een aanvullende eis; de MPG-eis blijft als basis gehandhaafd. Met de MPG wordt voorkomen dat er een afwenteling plaatsvindt, in tijd door de levenscyclus benadering, en in milieuaspecten door de beschouwing van een breed scala aan effecten. De GWPa-eis is dus bedoeld als extra prikkel voor de noodzakelijke korte termijn CO2-reductie. 

 

Figuur: positionering van de GWPa in het bij het milieubeleid in te zetten instrumentarium [bron W/E adviseurs].

Een praktisch voordeel van de combinatie van MPG- en GWPa-eis is, dat de GWPa-score als tussenresultaat van de MPG-berekening beschikbaar is. Voor een GWPa-score is er daardoor geen extra data-invoer nodig. Daarnaast kan de GWPa-eis ‘meeliften’ op het handhavingsproces en stelsel van de MPG-eis. Dit maakt dat er op korte termijn met de GWPa-score gestuurd kan worden.  

Waardering van biogene koolstofopslag

In de kamerbrief uit 2022 is ook aandacht besteed aan de waardering van biogene koolstofopslag. Dit komt doordat CO2 uit de lucht wordt vastgelegd in hout en andere gewassen, zou de toepassing van biobased bouwproducten een instrument kunnen zijn om CO2-reductie te bereiken. Bij methoden gebaseerd op een levenscyclusbenadering zoals de MPG (en ook de Europese Whole-life-carbon-benadering) is de netto CO2-opname of afgifte echter altijd exact nul. Dit komt doordat de opname aan het begin van de levenscyclus altijd gevolgd door een gelijke afgifte als gevolg van compostering of verbranding in een latere fase (in LCA-terminologie wordt dat het -1/+1-principe genoemd). Bij de beperktere scope van de GWPa komt alleen de opname (de -1) in beeld en krijgt de koolstofvastlegging wel een waardering. Belangrijk is het besef dat dit slechts een tijdelijke vastlegging betreft. Maar wel één van de mogelijkheden om bij te dragen aan de gewenste CO2-reductie op korte termijn. 

CO2-barometer berekent CO2-uitstoot van gemiddelde nieuwbouwwoning

Om inzicht te krijgen in de gemiddelde emissies van nieuwbouwwoningen ontwikkelde W/E adviseurs voor het Lente-Akkoord de CO2-barometer.  

Met de CO2-barometer wordt de jaarlijkse CO2-uitstoot van de nieuwgebouwde voorraad inzichtelijk gemaakt. De eerste meting in 2021 laat zien dat de gemiddelde woning ongeveer 300 tot 400 CO2eq/m2 BVO uitstoot. Echter, om de opwarming van de aarde te beperken, hanteert DGBC grenswaarden voor de gemiddelde uitstoot van een nieuwbouwwoning van 200 – 220 kg CO2eq/m2 BVO. Naast dat de CO2-barometer bijdraagt aan het zichtbaar maken van hoe duurzaamheidsambities in de bouw zich ontwikkelen tot de noodzakelijke CO2-reductie, biedt het ook inzicht in ontwikkelingen en effecten van beleidsmaatregelen gericht op een lagere CO2-uitstoot. De resultaten voor de nieuwbouw in 2022 komen eind dit jaar beschikbaar. Op de komende Platformbijeenkomst van het Lente-Akkoord presenteert W/E de uitkomsten van een onderzoek naar de GWPa-scores van een aantal koploperprojecten. 

Embodied CO2eq-emissie opgesplitst voor eengezinswoningen (grenswaarde 200 kg CO2eq/m2 BVO) en woongebouwen (grenswaarde 220 kg CO2eq/m2 BVO) voor de woningnieuwbouw in 2021 [bron W/E adviseurs].

Hoe verder?

Inmiddels is een volgende kamerbrief verschenen, waarin de minister aangeeft om het advies, een aanvullende GWPa-eis, niet over te nemen. Dit met als belangrijk argument, dat de Rijksoverheid de komende verplichtingen vanuit Europa wil afwachten. Gezien de in de Verkenning geconstateerde urgentie, meent W/E adviseurs dat we die tijd niet hebben. Daarom gaat W/E adviseurs samen met de markt aan de slag met Paris Proof.  

David Anink, senior adviseur bij Stichting W/E adviseurs: “Er moet nog veel gebeuren om de CO2-uitstoot van de bouwsector te reduceren en om onze klimaatdoelen te halen. Om de opwarming van de aarde te beperken, hebben we geen tijd te verliezen. Door kennis te delen en zoveel mogelijk samen te werken met andere organisaties, bundelen we onze krachten en bouwen we aan een duurzame toekomst voor ons allemaal.” 

In opdracht van Neprom en DGBC  en in samenwerking met Copper8 en NIBE verzorgt W/E adviseurs de ontwikkeling van de indicator ‘Paris Proof Integraal – PPi’, die de sturing op korte termijn CO2-reductie mogelijk maakt. De eindpublicatie wordt op korte termijn verwacht. Voor Bureau Spoorbouwmeester (adviseur NS en ProRail) is een verkenning uitgevoerd naar de wijze waarop gestuurd kan worden richting Paris Proof stations en stationswijken. Tenslotte maakt Stichting W/E adviseurs het sturen op Paris Proof breed bereikbaar, doordat ze in haar gevalideerde en veelgebruikte rekeninstrument GPR Materiaal het Paris Proof rekenen als standaard functionaliteit en uitvoer heeft opgenomen.