Na bijna twintig jaar bij een groot bouwconcern maakte Lars van der Meulen in april 2026 de overstap naar Stichting W/E adviseurs. Van de bouwpraktijk naar een adviesbureau waar duurzaamheid al ruim 45 jaar centraal staat. We gingen met Lars in gesprek over zijn overstap, zijn visie op verduurzaming in de gebouwde omgeving en zijn dromen en doelen voor W/E adviseurs.
“W/E adviseurs heeft veel inhoudelijke kennis en expertise in huis. Daarnaast werken hier veel mensen die vanuit een sterke persoonlijke motivatie de gebouwde omgeving duurzamer willen maken. Die combinatie spreekt mij erg aan.”
Duurzaamheid loopt als een rode draad door Lars’ leven. Zijn interesse in natuur en milieu ontstond al jong. “Toen ik acht was, collecteerde ik voor het behoud van het regenwoud. En thuis was mijn vader veertig jaar geleden al bezig zijn huis zelfvoorzienend te maken. Die interesse heb ik dus echt van huis uit meegekregen.”

Die persoonlijke betrokkenheid is er dus al lang. Maar ambitie alleen is volgens Lars niet genoeg. In zijn jaren in de bouw zag hij veel grootse plannen en mooie bouwprojecten voorbijkomen, die niet altijd even succesvol waren.
“Op papier kun je grote duurzaamheidsdoelstellingen formuleren. Een gebouw moet energieneutraal en circulair zijn, een comfortabel binnenklimaat hebben en bijdragen aan biodiversiteit. Dat is een mooi streven. Maar de echte afweging ontstaat zodra duidelijk is of een duurzame maatregel extra geld kost, extra tijd vraagt of extra risico’s met zich meebrengt. Dan komen belangen als budget, planning, veiligheid en draagvlak op tafel. Als je pas op dat moment beseft dat duurzaamheid soms een trade-off is en gaat nadenken hoe zwaar duurzaamheid meeweegt in je keuzes, blijkt in de praktijk dat duurzaamheidsdoelstellingen vaak als eerste sneuvelen.”
Juist daarom moeten partijen volgens Lars eerder bespreken wat een duurzaamheidsambitie in de praktijk betekent. Wat mag duurzaamheid kosten en hoe zwaar weegt het ten opzichte van andere doelstellingen?
Daarbij hoeft duurzaamheid volgens hem niet altijd financieel rendement op te leveren.
“Er lijkt soms een taboe te rusten op het idee dat duurzaamheid ook iets mag kosten. De gedachte dat een duurzame keuze zichzelf altijd financieel moet terugverdienen, botst met de praktijk. Sommige maatregelen leveren geld op, andere vragen juist om een extra investering. Dat maakt ze niet minder waardevol: de opbrengst kan ook zitten in minder CO₂-uitstoot, minder grondstoffengebruik of een lagere energievraag.”
Als we positieve impact belangrijk vinden, moeten we ook bereid zijn daarin te investeren, vindt Lars. “Het gaat erom dat je die afweging bewust en vooraf maakt. Anders loop je het risico dat duurzaamheidsambities later in een project alsnog onder druk komen te staan.”
Dat betekent niet dat Lars de duurzaamheidsambities van de sector wil afzwakken. Integendeel. Juist door eerlijk te zijn over wat duurzaamheid vraagt én oplevert, kunnen scherpere keuzes worden gemaakt over welke maatregelen daadwerkelijk effect hebben.

Als voorbeeld noemt Lars torens met constructies voor bomen en struiken. “Dat ziet er groen uit, maar de vraag is of de extra CO₂-uitstoot tijdens de bouw van zo’n constructie opweegt tegen de voordelen van wat extra groen. Een oplossing moet ook schaalbaar, betaalbaar en uitvoerbaar zijn en zich verhouden tot andere maatschappelijke doelen. Ik pleit daarom niet voor minder ambitie, maar voor betere keuzes.”
Voor Lars begint verduurzaming daarom bij de vraag welk probleem je eigenlijk wilt oplossen. Willen we de CO₂-uitstoot verminderen, grondstoffen besparen, afval voorkomen of meerdere doelen tegelijk bereiken? En minstens zo belangrijk: hoe bepalen we vervolgens of een oplossing daadwerkelijk duurzamer is?
“Bij duurzaam bouwen is het belangrijk om te weten waar we staan, waar we naartoe willen en waarom we bepaalde keuzes maken. Vervolgens moeten we meten of we daadwerkelijk vooruitgang boeken. Anders sturen we op aannames.”
Dat raakt aan de kern van het werk van W/E adviseurs: moeilijke materie meetbaar en bespreekbaar maken. Met data, rekenmethoden en software helpt W/E adviseurs om keuzes te onderbouwen en zichtbaar te maken wat maatregelen daadwerkelijk opleveren. Die kennis vertaalt W/E adviseurs vervolgens naar adviezen voor overheden en marktpartijen.

Die inhoudelijke diepgang ziet Lars als een belangrijke kracht van W/E adviseurs. Het motto ‘moeilijke materie makkelijk maken’ begint volgens hem bij het daadwerkelijk begrijpen van die moeilijke materie.
“Juist nu duurzaamheidsvraagstukken en rekenmethoden complexer worden, moeten we steeds terug naar de basis: welk probleem willen we oplossen en wat willen we bereiken? Zo voorkom je dat de methode een doel op zich wordt.”
Tegelijkertijd ziet Lars kansen om die inhoudelijke kennis nog sterker te verbinden met de dagelijkse bouwpraktijk. Zijn eigen achtergrond en ervaring helpen daarbij.
Na bijna twintig jaar in de bouw weet hij wat er met adviezen gebeurt zodra ze bij een bouwbedrijf, ontwikkelaar of projectteam terechtkomen. Timing minstens zo belangrijk als de kwaliteit van het advies.
“Als je pas aan het einde wordt ingevlogen, kun je op z’n best nog optimaliseren wat er al ligt. Word je aan de voorkant betrokken, dan kun je op de strategische momenten meedenken. Dan is de kans op echte impact veel groter. Daar moét je ook duidelijk over zijn richting opdrachtgevers.”
Die verbinding tussen inhoud en praktijk wil Lars ook terug laten komen in zijn rol als directeur-bestuurder. “Ik wil een directeur zijn die benaderbaar is, mensen inspireert en duidelijke keuzes maakt. Ik zie het als mijn rol om de kracht van W/E adviseurs te benutten en die met de praktijk te verbinden.”
Lars ziet dat duurzaamheid nu nog niet net zo vanzelfsprekend meeweegt als veiligheid, betaalbaarheid en functionaliteit. Daarvoor moeten we volgens hem duidelijker maken wat we onder duurzaamheid verstaan en welke doelen daarbij horen. “Duurzaamheid wordt nog te vaak behandeld als iets wat we doen als er voldoende tijd of geld over is. Dat kan niet meer.”
“Wij kunnen fantastische rapporten schrijven, berekeningen maken en cursussen geven. Maar uiteindelijk moet je het terugzien in de gebouwde omgeving. Onze kennis moet terechtkomen in regelgeving, in aanbestedingen, in keuzes van opdrachtgevers en uiteindelijk in de gebouwen en gebieden die we met elkaar realiseren. Dán maken we impact.”
Daar ligt voor Lars ook de verbinding tussen zijn oude en nieuwe rol. Jarenlang zag hij vanuit de bouwpraktijk wat er met duurzaamheidsambities gebeurt zodra ze uitgevoerd moeten worden. Nu kan hij vanuit W/E adviseurs bijdragen aan de kennis, methoden en adviezen die ervoor zorgen dat die ambities daadwerkelijk landen.
“De bouw is een enorm pragmatische sector. Als we besluiten dat we iets gaan doen, dan doen we het ook. De uitdaging is om duurzame doelen concreet te maken en vroegtijdig mee te nemen in het beslissingsproces. Dan praat je niet alleen over duurzame ambities, maar maak je daadwerkelijk impact.”
Wil je weten hoe W/E adviseurs kan helpen om duurzaamheidsambities te vertalen naar concrete keuzes en meetbare impact? Neem contact op met Lars van der Meulen.