Berichten

Lokale routekaart naar CO2-neutraal gepresenteerd op congres Retrofit Europe

Hoe kom je als woningcorporatie tot een CO2 -neutrale woningvoorraad? De ‘Lokale routekaart naar CO2 -neutraal’ van W/E adviseurs is daarvoor een praktisch rekenhulpmiddel. De routekaart rekent door welke effecten diverse maatregelen hebben.

Die maatregelen variëren van isolatie tot sloop en nieuwbouw, en van opwekken van duurzame energie tot het overstappen van gas naar een ‘groen’ stroomnet. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar (het tempo van) de CO2-reductie en naar kosten en baten voor de corporatie, maar ook naar de energielasten voor de huurders. Aan alle knoppen van het rekenmodel is te draaien, en zo kan gekozen worden voor een mix van maatregelen die precies aansluit bij de lokale situatie.

Presentatie

Boudewijn Elsinga van W/E adviseurs gaf in zijn presentatie over de ‘Lokale routekaart naar CO2 -neutraal’ een uitgebreid inzicht in wat vastgoedeigenaren en hun stakeholders kunnen met de routekaart en vertelde over de eerste ervaringen in de praktijk met deze rekentool. Voor een internationaal gezelschap. De complete presentatie (in het Engels) kunt u hieronder vinden.

RE2018 – WE Roadmap to net zero carbon

Twee inzendingen W/E Adviseurs geselecteerd voor Retrofit Europe

Voor de internationale conferentie over duurzaam bouwen Retrofit Europe zijn twee inzendingen van stichting W/E adviseurs geselecteerd: ‘Local Roadmaps Encourage Zero-Carbon Social Housing’ en ‘Circular Building Potential within the Energy Transition. A Case study’. De conferentie vindt plaats van 5 tot en met 7 november 2018 in de TU in Eindhoven.

De SBE Conference-serie wordt beschouwd als de vooraanstaande internationale conferentie over duurzaam bouwen, gepromoot door de internationale organisaties IISBE, CIB, UNEP-SBCI en FIDIC. De SBE19 NL-conferentietitel is ‘Retrofit Europe’ en het hoofdthema gaat over: ‘Retrofitting van 250 miljoen woningen naar 0-energieprestatiehuizen in Europa’.

De conferentie duurt twee dagen en op dag drie zijn er veldexcursies. De conferentie begint en eindigt met ronde tafeldebatten over ‘Hoe 250 miljoen huizen netto nul-energie te krijgen, binnen CO2-budgetten beschikbaar onder het 2 graden scenario’.

In de plenaire vergadering deelnemers met elkaar in gesprek en meer leren over verschillende retrofitconcepten en -toepassingen in verschillende klimaatzones. Oplossingen worden in detail onderzocht, met een keuze aan break-outsessies, workshopsessies (bijvoorbeeld het delen van EU-onderzoeksresultaten, ervaringen uit de sector, van projectervaringen, enzovoorts). En ‘op locatie’ parallelle sessies over praktische implementatieproblemen (dat wil zeggen met focus op retrofit met prefab-panelen, industriële productie en sociale acceptatie). Er zijn ook sessies over nieuwe onderzoeksvoorstellen en innovatiepilots, op zoek naar partners.

Meer informatie

https://www.retrofit-europe-2018.nl/home

Special routekaarten CO2-neutraal

gasmeters

Een brede coalitie van Nederlandse partijen ontwikkelde onlangs een aanpak die corporaties, gemeenten en huurders ondersteunt bij het verduurzamen van de woningvoorraad. En wat blijkt? De Lokale Routekaarten naar een CO2-neutrale woningvoorraad bieden de betrokken spelers een goed overzicht en inzicht in hun verduurzamingsopgave. De routekaarten blijken zelfs belemmeringen weg te nemen en vertrouwen te bieden om over te gaan tot actie. Zo past de gemeente Breda de Lokale Routekaart toe in nauwe samenwerking met corporaties en huurders. Ook woningcorporatie de Alliantie is met de Lokale Routekaart aan de slag gegaan: ‘We weten nu exact welke ingrepen, waar en wanneer CO2 reduceren’, aldus manager Fred Jak.

Woningcorporatie de Alliantie heeft ambities om in 2050 CO2-neutraal te zijn en heeft de Routekaart CO2-neutraal 2050 van Aedes met ‘eindbeelden’ ingeleverd. Hoe nu hiermee aan de slag? Een forse uitdaging, waarbij W/E adviseurs ondersteunde om dit stapsgewijs en gedetailleerd samen met de Alliantie verder uit te werken.

Fred Jak, Manager Programma, de Alliantie

Fred Jak, manager Programma, de Alliantie

Daartoe heeft de Alliantie de hele huidige woningvoorraad (circa 50.000 VHE) gestructureerd in beeld gebracht, inclusief de verwachte mutaties als sloop en nieuwbouw tot 2050. In nauwe samenwerking met afdelingen Vastgoedonderhoud en Asset Management heeft zij op maat gesneden scenario’s vastgesteld, deze op hun energetische waarde beoordeeld en tot op directie- en bestuursniveau gedeeld en gedragen.

Uitgangspunt was dat met voorgenomen beleid het doel haalbaar is, met stapsgewijze, ‘realistische’ maatregelen. Dat is nu onderbouwd en gerichte inzichten voor principevraagstukken en voor het handelen op korte termijn zijn vastgesteld.

Fred Jak, manager Programma van de Alliantie: “Het traject heeft ons inzicht gegeven in een langetermijnstrategie naar een energieneutrale voorraad in 2050. En het heeft ons handvatten geboden om dit programma op korte termijn – de komende vijf jaar – te starten. We weten nu exact welke ingrepen, waar en wanneer CO2 reduceren.”

Breda: ‘We hebben de juiste inzichten in (on)mogelijkheden en in de weg vooruit’

In Breda hebben gemeente, corporaties (Alwel, WonenBreburg, Laurentius) en de koepel van huurdersverenigingen GHK samen de Lokale Routekaart ingezet om de route naar een ‘CO2-neutraal Breda in 2044’ inzichtelijk te krijgen, passend binnen de opgave om te groeien naar aardgasvrije (fossielvrije) wijken. De scope omvat de gehele Bredase woningvoorraad: sociale, particuliere verhuur én particulier eigendom. De gemeente gaf daarbij sturing aan de niet-sociale woningvoorraad. De inhoud van deze plannen wordt in de zomer van 2018 vertaald naar nieuwe Alliantie-afspraken voor de periode 2019 tot en met 2022.

Kim Wijnen

Kim Wijnen, adviseur Strategie WonenBreburg

Betrokken partijen kregen allereerst een exact beeld van de CO2-uitstoot op dit moment en in achterliggende jaren; mede gebaseerd op werkelijke meterstanden en een gedetailleerde weergave van de voorraad. Met de samen gekozen scenario’s hebben zij nu inzicht in de prognose tot 2030 en in de opgave voor de gemeente Breda tot aan 2044, evenals in de landelijke doelstelling in 2050. Op basis daarvan hebben zij tussendoelen besproken.

Uitkomsten zijn op gemeentelijk niveau beschouwd, en bieden ingrediënten voor alle partijen bij hun eigen keuzen. Zo leveren de scenario’s input voor investeringsprogramma’s van de corporaties voor portfolioberekeningen (bijvoorbeeld WALS). Naast het sterke, lokale draagvlak en de vergaande ambities – is het bijzonder dat de voortgang van de afspraken wordt gemonitord. Dat gebeurt op basis van werkelijke verbruiken en de daaraan direct gekoppelde emissies.

“Met de Lokale Routekaart kunnen we ons strategisch voorraadbeleid herijken. Sturing op CO2, in plaats van energielabels leidt tot andere ingrepen met meer effect”,  aldus Kim Wijnen, adviseur Strategie bij WonenBreburg. Paul Paree, senior adviseur Milieu, van de gemeente Breda vult aan: “Via de routekaart en intensieve samenwerking met de corporaties laten we zien hoe een CO2-neutrale woningvoorraad in 2044 mogelijk wordt. De transitiescenario’s laten zien dat er nog veel werk ligt.”

Topsector EnergieSmartTrans
De gemeente Breda is eveneens deelnemer aan het project SmartTrans – Draagvlak voor de transitie naar aardgasvrije wijken op basis van slimme en flexibele routekaarten, onderdeel van het nationale onderzoeksprogramma Topsector Energie.

lokale routekaart

Waarom een Lokale Routekaart naar CO2-neutraal?

Kansrijke routes naar een CO2-neutrale woningvoorraad hangen sterk af van de specifieke, lokale situatie, de vastgoedsturing en het draagvlak van betrokkenen. Is er een regionale energiestrategie of warmtelevering beschikbaar? Wat is de kwaliteit van de woningvoorraad en welke opeenvolgende stappen zijn er op welk moment nodig? Welke aanpak voor de vastgoedportefeuille ligt er al? En last, but not least: Wat merken huurders ervan in hun portemonnee?

Om hiervoor antwoorden op maat te kunnen bieden, ontwikkelde W/E adviseurs, samen met een brede coalitie van branchevertegenwoordigers – in opdracht van het ministerie van BZK (RVO) – een hulpmiddel en aanpak: de Lokale Routekaart naar CO2-neutraal. Deze brengt de betrokkenen én de specifieke lokale situatie letterlijk en figuurlijk bij elkaar. Gezamenlijk verkennend komen de benodigde maatregelen, investeringskosten en energielasten voor een CO2-neutrale woningvoorraad in beeld.

Hoe werkt de Lokale Routekaart naar CO2-neutraal?

In acht stappen leidt de Lokale Routekaart naar CO2-neutraal naar een overzicht en inzicht in de lokale verduurzamingsopgave. De routekaart benut hiervoor landelijke, gevalideerde kengetallen en rekenmethodieken die gekoppeld worden aan de woningvoorraad van de specifieke situatie. Wanneer werkelijke meterstanden beschikbaar zijn, gebruiken we deze als stevige basis voor de startsituatie.

De acht stappen:

  1. Opgave van woningtypen, -grootte, -aantal en vastgoedstrategieën
  2. Opgave van het huidige isolatieniveau, installatietechniek en warmtelevering
  3. Opgave van eerste ingreepmoment, energie-infrastructuur en voorgenomen maatregelen
  4. Opgave van tweede ingreepmoment, energie-infrastructuur en voorgenomen maatregelen
  5. Weergave van de CO2-reductie door maatregelen en de vermeden CO2-emissie door duurzame opwekking
  6. Weergave van de energielastenontwikkeling in euro’s, gemiddeld per woning per jaar
  7. Weergave van de investeringskosten in euro’s, gemiddeld per woning per jaar
  8. Weergave van een samenvatting in cijfers

Zie ook onderstaande figuur

Figuur 2: De acht stappen in de Lokale Routekaart naar CO2-neutraal

Figuur 2: De acht stappen in de Lokale Routekaart naar CO2-neutraal

Door nu gezamenlijk aan de knoppen te draaien, maken gebruikers scenariovarianten die onderling niet alleen verschillen in de gekozen maatregelen, maar ook in energieprijsstelling, het investeringsniveau en bijvoorbeeld de (autonome) vergroening van stroom- of warmtenetten. Inmiddels zijn tientallen routekaarten opgesteld voor diverse gemeenten, corporaties en huurdersorganisaties.

Meer informatie?

Neem contact op met een van onze adviseurs

Corporaties
Thijs Kurstjens
kurstjens@w-e.nl
06 – 5323 78 32
ir. Thijs Kurstjens
Gemeenten
Ruud van Vliet
vliet@w-e.nl
06 – 2247 79 34

Lees meer

Circulair bouwen is meetbaar

Auteur: John Mak

We zien in de praktijk dat er veel over circulariteit wordt gepraat en beleidsmatig op papier gezet. Tegelijkertijd constateren we dat als het puntje bij het paaltje komt er nog verdomd weinig terecht komt van beleid. In de praktijk blijkt de sturing op duurzaamheid meestal beperkt tot de energieprestatie. Waarbij er wel steeds vaker marktinitiatieven zijn voor het recyclen van vrijkomend sloopmateriaal.

Waarom speelt circulariteit niet of nauwelijks een rol bij de aanbestedingen en gunningen voor nieuwbouw of renovatie van gebouwen? Essentieel knelpunt lijkt dat het juridisch lastig wordt gevonden omdat circulariteit moeilijk meetbaar is. Maar dat hoeft vanaf nu geen belemmering  meer te zijn.  De ‘CirculariteitsPrestatie Gebouw’ (CPG) is beschikbaar!

In mijn vorige blog pretendeerde ik dat W/E de basis voor een methodiek om circulariteit meetbaar en bespreekbaar te maken beschikbaar heeft. De DuurzaamheidsPrestatie Gebouwen (DPG = MPG + EPG*)  is daarvoor één van de bouwstenen.  Aangevuld met andere beschikbare bouwstenen is de methodiek nu verder uitgewerkt tot een eerste beoordelingsmethodiek voor de circulariteit van een gebouw.

Wat is een circulair gebouw, hoe ziet de methodiek eruit?  Een toelichting.

Wanneer is een gebouw circulair?

Volgens Brundtland is een duurzame ontwikkeling  het zorgdragen voor een leefbare aarde nu en later. Een voorwaarde of subdoel is dat we uitputting voorkomen van voorraden: grondstoffen, fossiele brandstoffen, ‘schone’ lucht, water, bodem en biodiversiteit. Dit bereiken we door circulair te bouwen en te beheren: voorraden in een gesloten kringloop houden en zonder schadelijke emissies naar lucht, water en bodem.

Om circulariteit vanuit dit subdoel praktisch hanteerbaar te maken onderscheiden we 5 hoofdstrategieën (figuur 1). De methodiek is vanuit de hoofdstrategieën uitgewerkt in parameters. Met deze ordening beschikken we over een hanteerbare afbakening van een begrip dat aan vele onderwerpen raakt. Belangrijk is het onderscheid in secundaire en primaire parameters, die als beoordelingscriteria dienen. Het meten van circulariteit blijkt dan al goed mogelijk door bestaande methoden te benutten.
In het overheidsbeleid en de Bouwagenda zijn het tegengaan van de klimaatverandering en de uitputting van grondstoffen belangrijke opgaven voor de bouw. In de lichtblauwe velden in figuur 1 staan ontwikkelingen, met een relatie naar circulariteit, zoals VANG, BENG en het materialenpaspoort.

plaatje circulair bouwen is meetbaar

Figuur 1, Circulair meetbaar vanuit strategieën en substrategieën (parameters)

We willen het praktisch en eenvoudig houden. Daarom is bij de opzet van de CPG-methode zoveel mogelijk aangesloten bij beschikbare. GPR Gebouw, met naast de EPG, MPG en DPG ook een subthema circulair materiaalgebruik, is logisch uitgangspunt. GPR Gebouw heeft voor elke parameter immers al een waardering en op basis van de gebruikelijke invoer van een gebouw in GPR Gebouw is een CPG te genereren, zie figuur 2. Per substrategie wordt de input uit GPR Gebouw omgezet in een score op een schaal van 1 tot 10. De scores op de substrategieën worden onderling gewogen opgeteld tot de scores op de strategieën en levert vervolgens de CirculariteitsPrestatie Gebouw (CPG).

 

plaatje circulair is meetbaar 2

Figuur 2: Voorbeeld invulling CirculariteitsPrestatie Gebouw (CPG)

Moeilijke materie makkelijk maken

Circulariteit is een complex begrip en de methodiek oogt wellicht ook zo op het eerste gezicht. Een geruststellende gedachte is dat de toepassing zonder noemenswaardige extra inspanning mogelijk is. Als een GPR Gebouw berekening is gemaakt, zijn op 1 na alle invoerparameters bekend en beschikbaar.
In het kader van een verkennend onderzoek naar de integrale prestatie van recent gerealiseerde HBO- en universitaire gebouwen is de lijn van DPG doorgetrokken naar de CPG. De resultaten van de toepassing van de CPG-methodiek voor 4 onderwijsgebouwen staan in de tabel.

Figuur 3

Zijn we hiermee klaar?

Met de CPG-methodiek kunnen gebouwen en plannen voor nieuwbouw of renovatie op hun circulariteit worden gewaardeerd.  Ongetwijfeld is het nog niet volmaakt. Ervaringen vanuit het gebruik en verbetersuggesties verwerken we graag in een volgende versie.
En alleen meten is niet voldoende. Er is behoefte aan concrete en inspirerende voorbeelden van circulaire gebouwen. Dit kunnen gerealiseerde gebouwen zijn, en ook conceptuele gebouwbeschrijvingen. Gelukkig heeft W/E de afgelopen 20 jaar ook op dat terrein niet stilgezeten.
Wordt vervolgd!

Deze blog post verscheen 12-04-2017 op duurzaamgebouwd.nl

Portfolio Items