Leister Igge, Woonwaard, The Green House en gemeente Utrecht winnen Duurzaam Bouwen Awards

De Duurzaam Bouwen Awards 2019 laten zien dat duurzaam bouwen en renoveren op de kaart staat in Nederland. Op 14 februari werden de winnaars bekend van deze prijzen.

Nul-op-de-meter school

De Leister Igge in Opeinde is het eerste gerenoveerde nul-op-de-meter schoolgebouw en volgens de jury van de Duurzaam Bouwen Awards een voorbeeld voor heel Nederland. De school kreeg de ‘gouden kikker’, de prijs voor het meest duurzame bouwproject.

De Leister Igge is één van de elf scholen in het land die die subsidie heeft gekregen voor verduurzaming en laat zien dat het goed mogelijk is de bestaande voorraad schoolgebouwen te verduurzamen. Daarnaast is al bij de renovatie rekening gehouden met het toekomstige onderhoud.

Woonwaard meest duurzame corporatie

Woonwaard kreeg de WOCO25 voor de meest duurzame woningcorporatie. Het is een organisatie die al lang bezig is met duurzaamheid, en de aanhouder wint: ook in 2018 was Woonwaard genomineerd voor de Duurzaam Bouwen Awards.

De corporatie pakt goed door met de aansluiting op warmtenetten en laat dat in 2019 ook weer zien door het aansluiten van 500 woningen op een warmtenet. Woonwaard laat samenwerking met warmteleverancier HVC, Liander en gemeente zien, en neemt bewoners uitvoerig mee in het proces. De jury is onder de indruk van het greenteam, hiermee laat Woonwaard zien dat zij ook binnen de organisatie duurzaam bezig zijn.

Gemeente Utrecht wint circulaire ring

Utrecht heeft grote ambities op het gebied van duurzaamheid en circulariteit. Zo moet al het eigen vastgoed in 2040 verduurzaamd zijn en wordt ingezet op circulaire nieuwbouw, gaf de gemeente bij haar aanmelding aan. Utrecht stelt niet alleen aan zichzelf, maar ook aan de bouwprojecten van derden hoge eisen: circulair, energieneutraal, groen en gezond bouwen. De circulaire ring is de Duurzaam Bouwen Award voor de meest duurzame gemeente.

Een uitgebreid verslag kunt u hier lezen.

Publieksprijs voor The Green House

Restaurant The Green House in Utrecht mocht de publieksprijs in ontvangst nemen. Duurzaamheid is hier in alles doorgezet: het gebouw, interieur, horeca en menukaart. Dit is gedaan zonder subsidie. De jury is erg te spreken over ‘right-to-copy’, het project is zeer inspirerend voor anderen en zij worden gestimuleerd de goede dingen te kopiëren.

 

Utrecht wint Duurzaam Bouwen Award 2019 voor gemeenten

De gemeente Utrecht mag zich de meest duurzame gemeente van 2019 noemen. Op donderdag 14 februari sleepte de gemeente de ‘circulaire ring’ in de wacht, de prijs voor de categorie ‘gemeenten’ van de Duurzaam Bouwen Awards. De prijs is op 14 februari uitgereikt tijdens het Duurzaam Gebouwd congres.

 

Winnaar Utrecht heeft grote ambities op het gebied van duurzaamheid en circulariteit.Zo moet al het eigen vastgoed in 2040 verduurzaamd zijn wordt ingezet op circulaire nieuwbouw, gaf de gemeente bij haar aanmelding aan. Utrecht stelt niet alleen aan zichzelf, maar ook aan de bouwprojecten van derden hoge eisen: circulair, energieneutraal, groen en gezond bouwen.

SMART uitvraagbeleid

In een gebied als de nieuwbouwwijk Leidsche Rijn biedt de gemeente kansen aan de markt, door de markt zélf aan te laten tonen hoe men circulair wil bouwen. Juist daardoor ontstaan er verrassende innovaties. Het motto is daarom: ‘vraag hoog en SMART uit maar biedt tegelijk bewegingsruimte’.

Ook is de combinatie van klimaatadaptief bouwen zeer goed te combineren met natuurinclusief en gezond bouwen, en dat leidt weer tot een prettiger leefklimaat waarbij minder overlast ontstaat en ontmoeting wordt gestimuleerd.

Tot slot is Utrecht deelnemer in het aanjagen van de circulaire economie, waarbij veel samenwerkingsverbanden met marktpartijen en andere (lokale) overheden zijn.

In het filmpje hoort u wethoudercirculaire economie, Klaas Verschuure, vertellen over circulaire initiatieven in de Domstad, van bouwen met clickbricks tot aan de inrichting van een voormalig industrieterrein aan de Merwedekanaalzone tot duurzame wijk.

Op de website Duurzaam Bouwen Awards vindt u binnenkort een impressie van de uitreiking. Ook zijn daar de beelden te zien van de winnaars in de overige categorieën: duurzaamste bouwproject van Nederland en duurzaamste woningcorporatie.

Wie wint de titel Duurzaamste Gemeente 2019?

Het is nog even spannend voor Den Haag, Tilburg en Utrecht. Deze gemeenten zijn genomineerd voor de Duurzaam Bouwen Award 2019 voor de meest duurzame gemeente. Op 14 februari wordt de winnaar bekend gemaakt tijdens het Duurzaam Gebouwd congres. Waarom zijn juist deze gemeenten genomineerd? Bekijk hier hun filmpjes.

Gemeente Den Haag

In het filmpje van Den Haag geeft wethouder Liesbeth van Tongeren voorbeelden van duurzame projecten in de Hofstad. Ze stelt dat Den Haag een duurzame, groene stad is die lange tijd veel te bescheiden is geweest.

Gemeente Tilburg

Tilburg is onder meer trots op de ‘huiskamer van Tilburg’, de LocHal naast het station, vertelt wethouder Oscar Dusschooten. Deze oude locomotievenhal van de NS is helemaal verduurzaamd en verbouwd.

Gemeente Utrecht

Utrecht maakt veel werk van circulariteit en heeft zelfs een wethouder circulaire economie, Klaas Verschuure. In het filmpje laat hij zien wat voor circulaire initiatieven er zijn in de Domstad, van bouwen met clickbricks tot aan de inrichting van een voormalig industrieterrein aan de Merwedekanaalzone tot duurzame wijk.

Duurzaamste corporatie en duurzaamste bouwproject van Nederland

Tijdens het Duurzaam Gebouwd congres worden ook de winnaars bekend in de twee andere categorieën van de Nederlandse Duurzaam Bouwen Awards 2019.

W/E adviseurs deelnemer koplopernetwerk MVO Nederland

W/E adviseurs is onlangs toegelaten tot het koplopernetwerk van MVO Nederland. Dit is een is een netwerk van de meest ambitieuze en gedreven ondernemers die de transitie naar de nieuwe economie willen versnellen. Organisaties worden getoetst aan toelatingscriteria zoals duurzaam leiderschap, maatschappelijke toegevoegde waarde en mate van ontwikkeling en ondersteuning van duurzame innovaties.

Duurzaam bouwen als speerpunt

De komende jaren is duurzaam (ver)bouwen een speerpunt voor MVO Nederland, een onderwerp waar W/E adviseurs al 40 jaar kennis van heeft. Deelname aan het Koplopernetwerk betekent onder meer dat W/E adviseurs invloed heeft op de agenda van duurzaam Nederland, meewerkt aan de lobbyagenda van MVO Nederland. Als koploper kan W/E adviseurs deelnemen aan innovatieprojecten en zo werken aan doorbraken binnen de sector en/of keten.

Mogelijk dat W/E adviseurs deelneemt aan het netwerk van wetenschappers van het ‘Het Groene Brein’. Binnen deze ‘denktank’ zet MVO Nederland vraagstukken van ondernemers uit.

Liesbeth Spies: ‘Niet wachten met verduurzaming, maar doen wat kan’

Op het moment dat bekend wordt dat de regering de klimaatdoelen van 2020 niet gaat halen en daarmee niet tegemoet komt aan het Urgenda-vonnis, worden in diverse gemeenten en regio’s wél stappen gezet. Een van die regio’s is Holland Rijnland.

Holland Rijnland is een samenwerking van en voor dertien gemeenten. In Leiden kwamen vertegenwoordigers van deze gemeenten, woningcorporaties en andere betrokkenen eind januari bijeen om te bespreken hoe het gaat met de verduurzaming, welke hobbels er nog zijn en welke oplossingen daarvoor kunnen worden bedacht.

Concrete doelen voor 2025

Holland Rijnland wil in 2050 klimaatneutraal zijn, en heeft een paar jaar geleden tussendoelen gesteld voor 2025. Zo blijft er druk op de ketel. Bovendien: elke Nederlandse gemeente moet in 2021 een warmteplan hebben.

Energietransitie

Liesbeth Spies, voormalig minister en nu  burgemeester van Alphen aan den Rijn, heeft de energie-portefeuille in het dagelijks bestuur van samenwerkingsorgaan Holland Rijnland. In die hoedanigheid is ze dagvoorzitter van de bijeenkomst energietransitie huursector regio Holland Rijnland, met medewerking van stichting W/E adviseurs die eerder het rapport “Energietransitie huurwoningen in de regio Holland Rijnland; advies over samenwerking” opstelde.

Aardgasvrij

Tussen alle informatiesessies door constateert Spies desgevraagd dat ze verwacht dat Holland Rijnland haar doelen voor 2025 wél gaat halen. ‘We hopen voor de zomer duidelijkheid te hebben over de levering van warmte uit Rotterdam, en daar ben ik positief over’ stelt ze. Dit jaar staan ook zonne- en windparken op de rol, hierover hebben we overleg met de provincie Zuid-Holland’.

Doen wat kan

Intussen gaat Spies niet op haar handen zitten. ‘Hoewel we er nog niet absoluut zeker van zijn of we kunnen aansluiten op bestaande warmtenetten, gaan we niet afwachten. We pakken nú op wat er kan. Zoals inzetten op energiebesparing, op zonnepanelen op daken. Er is veel positieve energie aanwezig in de samenleving’. Ze wijst bijvoorbeeld op het plaatsen van zonnepanelen op andermans dak, een mogelijkheid die de postcoderoos-aanpak biedt.

Spies is enthousiast. ‘Netwerkbeheerder Liander wil betrokken zijn, gemeenten zijn momenteel ook op het terrein van duurzame mobiliteit hard bezig met het plaatsen van laadpalen voor elektrische auto’s, enzovoorts’. Al die positieve energie moeten we nu verzilveren, vindt Spies. ‘Door alle initiatieven die er nu zijn, wordt de sneeuwbal steeds groter. Lokale initiatieven zijn natuurlijk kleinschaliger dan het nationale Energieakkoord, maar we zien wel dat de kopgroep steeds groter wordt’.

Corporaties

Spies ziet ook een voortrekkersrol voor de woningcorporaties. Zij beheren ongeveer 30 procent van het woningbezit. Als zij verduurzamen, kan dat stimulerend zijn voor particulieren in een wijk waarin zo’n corporatie veel woningen heeft.

Feestjes vieren

‘We willen de kopgroep vergroten, en de bezemwagen verkleinen. Belangrijk is dat je aan de gang gaat en een feestje viert bij successen!’

 

Lees ook het verslag van de bijeenkomst Holland Rijnland aan de slag met energietransitie .

Download het rapport Energietransitie huurwoningen in de regio Holland Rijnland; advies over samenwerking

 

 

Holland Rijnland aan de slag met energietransitie in de huursector

Gemeenten, woningcorporaties en andere stakeholders in de regio Holland Rijnland zijn volop aan de slag met de energietransitie. Doel is in 2050 klimaatneutraal te zijn en er zijn stevige tussendoelen geformuleerd voor 2025.

Naar aardgasvrije warmte

De kennis over energietransitie bij de corporaties is aanwezig en zij werken structureel aan verduurzaming van hun woningvoorraad. Wel is er sterke behoefte aan regie rond de ontwikkelingen van een duurzame warmtevoorziening. Een gezamenlijke, regionale aanpak en visie hierop is nodig omdat de corporaties staan voor grote investeringsbeslissingen in de transitie van gas naar duurzame warmte.

Een belangrijke vraag die hierbij speelt is of de regio Holland Rijnland gekoppeld kan worden aan het warmtenet vanuit Rotterdam of Amsterdam. Veel is nog  onduidelijk en de corporaties lopen  tegen allerlei hobbels in de regelgeving. Voorbeelden zijn regels rond welstand die de toepassing van zonnepanelen soms belemmeren en de flora en faunawet die leiden tot vertraging bij isolatieprojecten.

Inspiratiebijeenkomst

Eind januari kwamen vertegenwoordigers van gemeenten, corporaties en andere stakeholders in Holland Rijnland bijeen in Leiden voor een inspiratiebijeenkomst. Daar werd onder meer het rapport “Energietransitie huurwoningen in de regio Holland Rijnland; advies over samenwerking” van stichting W/E adviseurs besproken.

In dit rapport zijn de resultaten van interviews met de bestuurders van alle woningcorporaties beschreven. Het rapport gaat in op de stand van zaken van de energietransitie bij de huurwoningen in de regio. Verder bevat het rapport een advies hoe samenwerking rond dit thema vormgegeven kan worden.

Deelsessies zonne-energie en aardgasvrije warmtevoorziening

Tijdens de bijeenkomst waren deelsessies georganiseerd over duurzame warmte, zon op daken, communicatie met huurders en als laatste over financiering en belemmeringen.

Na afloop toonde dagvoorzitter Liesbeth Spies, burgemeester van Alphen aan den Rijn en lid van het dagelijks bestuur van samenwerkingsorgaan Holland Rijnland, zich positief gestemd over de toekomst. Ze noteerde veel initiatieven en zag kansen om het landelijke energieakkoord op lokaal niveau invulling te geven. ‘Laten we aan de gang gaan en onze successen vieren’.

Bekijk het rapport.

Lees ook het interview met Liesbeth Spies

 

Cursus Duurzaam beheer, renovatie en onderhoud van woningen

Eerder al gaf de TUDelft de vierdaagse cursus Duurzaam beheer, renovatie en onderhoud van woningen voor gemeenten, corporaties en bouwbedrijven. Vanwege de grote belangstelling wordt deze dit voorjaar nog twee keer gegeven. De cursus biedt handvatten om de duurzaamheidsopgave vorm te geven, samen met andere betrokkenen zoals vastgoed- en energiebedrijven en huurders.

Circulariteit

Thema’s zijn onder meer overheidsbeleid, beleid Aedes, assetmanagement en duurzaamheid, financiering en betaalbaarheid van duurzame maatregelen, circulair materiaalgebruik, samenwerking tussen corporaties en bouwbedrijven, huurdersbetrokkenheid, en verschillende goede praktijkvoorbeelden. De thema’s worden besproken door een groot aantal deskundige sprekers. Kennisleider en sectorspecialist corporaties Thijs Kurstjens van W/E adviseurs behandelt het thema ‘Duurzaam materiaalgebruik en circulariteit’.

Programma en aanmelden

De TU-Delft/OTB (afdeling Onderzoek voor de gebouwde omgeving van de faculteit Bouwkunde) organiseert deze vierdaagse cursus op 10/11 april en 22/23 mei. Het gehele programma en het aanmeldformulier is hier te vinden.

 

Nieuwe licentiehouders GPR-gebouw

De woningcorporaties Salland Wonen (actief in de Overijsselse gemeenten Raalte en Olst-Wijhe) en Woonkwartier (West-Brabant) zijn sinds kort licentiehouders van GPR Gebouw.

Daarmee kunnen ze sturen op duurzaamheid in hun nieuwbouwprojecten en ook bij renovatieprojecten. Doorrekenen met GPR-software levert ‘rapportcijfers’ op voor de thema’s Energie, Milieu, Gezondheid, Gebruikskwaliteit en Toekomstwaarde. Behalve meten van de bestaande situatie is het mogelijk om na te gaan welk effect duurzaamheidsaanpassingen hebben op deze rapportcijfers.

Meetbaar

Ook verbeterafspraken met derden, bijvoorbeeld onderhoudsbedrijven, zijn meetbaar en dus beter te monitoren. Voor de toekomstwaarde van het vastgoed zijn indicatoren als circulariteit van het materiaalgebruik van belang; ook die kunnen met de GPR-software in kaart worden gebracht.

“We willen meer dan alleen energiebesparing”

Salland Wonen heeft gekozen voor GPR-software om méér te kunnen doen met duurzaamheid dan louter energiebesparing. “De focus lag tot nu toe vooral op energie, maar we willen méér”, zegt Marco Revenberg, adviseur vastgoedbeheer en duurzaamheid bij Salland Wonen. De corporatie gaat GPR inzetten voor verschillende projecten, bijvoorbeeld voor het transformeren van kantoorgebouwen naar appartementen. “De uitvraag wordt scherper dan voorheen, de duurzaamheidsprestaties worden meetbaar”.

Bij een nieuwbouwproject van Salland Wonen worden de huidige plannen bekeken met GPR en wordt gekeken hoe het nog duurzamer kan. “En ook bij een renovatieproject gaan we het inzetten. Tot nu toe stonden in het programma van eisen veel standaardmaatregelen, maar we gaan nu ook kijken naar materialen en naar zaken als luchtkwaliteit en ventilatie, we willen de woningen graag toekomstbestendiger maken”.

“Objectivering van maatregelen en scenario’s is voor ons van belang”

De West-Brabantse corporatie Woonkwartier lanceerde vorig jaar een duurzaamheidsvisie en is aan de slag met regisserend opdrachtgeverschap. “Voor ons is de objectivering van maatregelen en scenario’s die onze ketenpartners aanbieden van belang” zegt Bianca Koster, projectleider vastgoed en aanstaand programmamanager duurzaamheid.  Komend jaar gaat Woonkwartier ervaring opdoen met GPR Gebouw in zes representatieve woningverbeteringsprojecten in de bestaande voorraad.

 

Genomineerden van de Nederlandse Duurzaam Bouwen Awards bekend

De genomineerden voor de Nederlandse Duurzaam Bouwen Awards zijn bekend. Deze awards worden uitgereikt aan organisaties die zich onderscheiden op het gebied van duurzaamheid. De vakkundige jury selecteerde kanshebbers binnen drie categorieën: het meest duurzame project, woningcorporatie en gemeente. Tijdens het Duurzaam Gebouwd Congres op 14 februari 2019 in Leeuwarden worden de winnaars per categorie bekend gemaakt. Tijdens deze feestelijke ceremonie wordt ook de publieksprijs uitgereikt. Per categorie zijn er drie genomineerden.

Award voor het meest duurzame project, de Gouden Kikker

De genomineerden voor deze categorie:

  • De Leister Igge, Opeinde
  • The Green House, Utrecht
  • NeroZero Lab, Heerhugowaard

Award voor de meest duurzame woningcorporatie, de WoCo25

De volgende corporaties zijn genomineerd voor deze categorie:

  • Stichting Wooncompagnie
  • Alwel
  • Woonwaard

Award voor de meest duurzame gemeente, de Circulaire Ring

In deze categorie zijn de volgende gemeenten genomineerd:

  • Gemeente Utrecht
  • Gemeente Den Haag
  • Gemeente Tilburg

Criteria

De Jury had een lastige, maar ook leuke klus aan het kiezen van de genomineerden.

De onafhankelijke jury, bestaande uit Wim Hazeu, Robert Koolen, John Nederstigt en Andy van den Dobbelsteen, hebben deze partijen genomineerd vanwege de opschaalbaarheid en betaalbaarheid van de projecten en genomen maatregelen. Ook bijzondere vormen van samenwerking zijn hoog gewaardeerd, net als een brede, integrale duurzame aanpak. Dat wil zeggen dat naast investeringen in energiemaatregelen ook aandacht wordt besteed aan circulariteit en gezondheid.

Initiatief

De Nederlandse Duurzaam Bouwen Awards zijn een initiatief van de Stichting Duurzaam Bouwen Awards, waarin abcnova, W/E adviseurs, FSC Nederland en Duurzaam Gebouwd hun krachten hebben gebundeld en heeft als doel verduurzaming van de gebouwde omgeving te stimuleren. De Awards worden ondersteund door partners Bouwend Nederland, Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties en Platform CB’23. Meer informatie over de uitreiking, de prijzen en de profielen van de juryleden is te vinden op www.duurzaambouwenawards.nl

Op de website van Duurzaam Bouwen Awards komen de genomineerden en hun projecten de komende tijd nog uitgebreid in beeld. Zie ook het persbericht.

W/E adviseurs participeert in Platform CB’23 om circulariteit meetbaar te maken

Stichting W/E adviseurs participeert sinds kort in Platform CB’23. Dit in 2018 opgerichte Platform wil bouw-breed partijen met circulaire ambities met elkaar verbinden. Het streven is om vóór 2023 nationale, bouwsector-brede afspraken op te stellen over circulair bouwen. Het initiatief daarvoor is afkomstig van Rijkswaterstaat, het Rijksvastgoedbedrijf, De Bouwcampus en NEN.

In het kader van het rijksbrede programma circulaire economie moet het grondstoffengebruik enorm teruggedrongen worden. In 2023 wil de overheid 100% circulair uitvragen. Voor de bouw betekent dit onder andere hoogwaardiger hergebruik van materialen, een andere aanpak in ontwerpen, produceren, bouwen en beheren van bouwwerken en een andere manier van samenwerken.

Stappen maken binnen vijf jaar

CB’23 staat voor: Circulair Bouwen in 2023. Het platform heeft een horizon van vijf jaar: van 2018 tot 2023.  Kort genoeg om druk op de ketel te zetten en lang genoeg om tot concrete resultaten en afspraken te komen. Het platform draagt bij aan de transitie naar een circulaire bouwsector door zich te richten op:

  • Het opbouwen en delen van kennis
  • Het inventariseren en agenderen van belemmeringen
  • Het opstellen van bouwsector brede afspraken

Actieteam ‘Meten van circulariteit’

Drie actieteams gaan hiermee aan de slag. W/E brengt daarbij haar expertise in vanuit de betrokkenheid bij de MPG (Milieu Prestatie Gebouwen) en de ontwikkeling van duurzaamheidstool GPR Gebouw, waarin circulariteit een belangrijk aandachtspunt is. Gekoppeld aan GPR stelt W/E ook gratis een rekentool beschikbaar, waarmee aan de hand van 5 strategieën de circulariteit van een gebouw bepaald kan worden. W/E hecht er aan dat de diverse tools een gelijke methodische onderlegger krijgen, en neemt daarom actief deel aan het Actieteam ‘Meten van circulariteit’.

Uniforme meetmethode

Om de mate van circulariteit van een materiaal, product, bouwwerk of gebied inzichtelijk te maken is een uniforme, effectieve meetmethode onmisbaar. Voorkomen moet worden dat verschillende methoden tot verschillende resultaten leiden waardoor vergelijking onmogelijk wordt en ‘cherry picking’ (met welke methode kom ik tot het gunstigste resultaat) tot de mogelijkheden gaat behoren. Gezien onder andere de lange levensduur van bouwwerken en de gefragmenteerde keten zullen vele aannamen nodig zijn om tot een beoordelingsmethodiek te komen die een zo realistisch mogelijke benadering geeft. Maar het meest van belang is om te identificeren welke indicatoren het meest relevant zijn om de relatieve prestatie van (bijv.) bouwwerk A met bouwwerk B inzichtelijk te maken.